Een huis hoeft wat mij betreft niet in één keer ‘af’ te zijn. Sterker nog, de interieurs die ik zelf het mooist vind zijn vaak juist door de jaren heen ontstaan. Een combinatie van spullen die je al lang hebt, iets dat je tijdens een reis hebt gevonden, een erfstuk, kunst waar je meteen voor viel en af en toe een nieuw item dat daar verrassend goed tussen blijkt te passen.
Misschien is dat ook waarom ik niet zo geloof in één vaste interieurstijl. Natuurlijk kun je houden van mediterraan, vintage, modern of bohemian, maar een huis wordt pas echt interessant wanneer het iets vertelt over de mensen die er wonen. Juist die mix maakt een interieur persoonlijk.
Hoe creëer je een interieur dat persoonlijk aanvoelt?
Een persoonlijk interieur begint eigenlijk niet met de vraag welke woonstijl je mooi vindt, maar met wat jíj mooi vindt. Dat klinkt bijna hetzelfde, maar er zit voor mij een belangrijk verschil tussen.
Wanneer je vanuit een bepaalde woonstijl denkt, ben je al snel bezig met wat wel en niet bij elkaar ‘hoort’. Terwijl een interieur veel interessanter wordt wanneer je verschillende dingen durft samen te brengen.
Kijk eens naar de spullen die je nu al hebt en waar je echt blij van wordt. Misschien is het een oude houten kast, een schilderij, keramiek van vakantie of een stoel die ooit van je ouders was. Dat zijn vaak de dingen die een ruimte identiteit geven.
Gebruik die als uitgangspunt en bouw daar langzaam omheen. Zo ontstaat een interieur dat niet alleen mooi is, maar ook echt van jou voelt.
Kun je verschillende interieurstijlen met elkaar combineren?
Absoluut. Ik vind het juist mooi wanneer je niet direct kunt zeggen: dit is een volledig bohemian interieur of dit is typisch Scandinavisch. De interessantste huizen zitten wat mij betreft ergens tussen verschillende stijlen in. De kunst zit vooral in het vinden van samenhang.
Dat kan bijvoorbeeld door kleuren op verschillende plekken terug te laten komen of door materialen te herhalen. Een warme houtsoort kan terugkomen in een kast, tafel en fotolijst. Een kleur uit een vloerkleed kan subtiel terugkomen in keramiek, een kussen of kunstwerk.
Je hoeft dus niet alles uit dezelfde collectie of periode te kiezen. Juist oud en nieuw kunnen heel mooi naast elkaar bestaan als er ergens een verbinding tussen zit.
Hoe combineer je oud en nieuw in je interieur?
Ik heb een zwak voor spullen waar al een verhaal aan vastzit. Niet omdat alles vintage moet zijn, maar omdat zulke objecten iets toevoegen wat je met alleen nieuwe spullen moeilijk kunt creëren.
Een moderne bank naast een oude houten tafel kan bijvoorbeeld veel spannender zijn dan een complete meubelset uit dezelfde collectie. Hetzelfde geldt voor kunst. Een moderne print kan prachtig staan naast een vintage schilderijtje of een ingelijste vondst van een markt.
Mijn belangrijkste tip is om niet te proberen alles perfect op elkaar af te stemmen. Een interieur mag een beetje schuren. Een onverwachte kleur, een ander materiaal of iets dat qua stijl nét afwijkt, kan juist het element zijn waardoor de rest samenvalt.
Hoe geef je een rustig interieur toch kleur en karakter?
Kleur hoeft niet te betekenen dat je meteen een hele muur moet schilderen. Je kunt ook beginnen met één uitgesproken item.
Een vloerkleed is daar wat mij betreft ideaal voor. Zeker wanneer de rest van je interieur relatief rustig is, kan een kleed een ruimte in één keer warmte en diepte geven. Vanuit de kleuren in het vloerkleed kun je vervolgens verder werken.
Bij een vintage Marokkaans vloerkleed vind ik het bijvoorbeeld mooi om niet iedere kleur letterlijk terug te laten komen. Kies er één of twee uit en laat die op een paar plekken subtiel terugkomen. Zo blijft het geheel rustig terwijl er toch veel gebeurt.
Hetzelfde kun je doen met kunst. Een kleurrijk werk aan de muur kan het vertrekpunt worden voor de rest van een ruimte, zonder dat je daarvoor je hele interieur hoeft te veranderen.
Waarom werken natuurlijke materialen zo goed in een interieur?
Hout, wol, linnen, leer, keramiek: ik blijf ernaar teruggrijpen. Natuurlijke materialen brengen vanzelf warmte in een ruimte en worden vaak alleen maar mooier wanneer ze ouder worden.
Dat laatste vind ik belangrijk. Een huis wordt gebruikt en dat mag je zien. Een houten tafel krijgt kleine plekjes, leer verandert van kleur en een vintage vloerkleed heeft misschien ergens een onregelmatigheid. Ik vind dat geen tekortkomingen, maar juist onderdeel van het karakter.
Door verschillende natuurlijke materialen te combineren ontstaat bovendien veel textuur. Dat maakt zelfs een interieur met een heel rustig kleurenpalet interessant.
Hoe gebruik je een vintage Marokkaans vloerkleed als blikvanger?
Een bijzonder vloerkleed kan wat mij betreft het startpunt van een hele ruimte zijn. Vooral vintage Marokkaanse vloerkleden hebben vaak zulke uitgesproken kleuren en patronen dat je er eigenlijk niet veel naast nodig hebt.
Laat het kleed vooral de ruimte krijgen. Combineer het bijvoorbeeld met een eenvoudige bank, hout en enkele rustige accessoires. Zo ontstaat er contrast tussen het uitgesproken karakter van het vloerkleed en de eenvoud eromheen.
Omdat vintage vloerkleden met de hand zijn gemaakt, is ieder exemplaar anders. Kleine verschillen in kleur, vorm en patroon horen erbij. Juist daardoor voelt zo'n kleed minder als decoratie en meer als een object dat onderdeel wordt van je huis.
En misschien is dat ook waarom ik er zo graag mee werk voor Bravas: je kunt er niet simpelweg tien dezelfde van bestellen. Je moet wachten tot je er eentje tegenkomt waarvan je denkt: ja, deze.
Hoe maak je van kunst en souvenirs een mooi geheel?
Niet ieder mooi object hoeft praktisch te zijn. Sommige dingen mogen er gewoon zijn omdat ze je ergens aan herinneren of omdat je er graag naar kijkt.
Een gallery wall is een fijne manier om verschillende vondsten samen te brengen. Daarbij zou ik juist niet alleen voor traditionele kunst kiezen. Combineer een foto met een print, een klein schilderijtje, textiel of iets dat je hebt meegenomen van een reis.
Het hoeft ook niet allemaal dezelfde lijst te hebben. Verschillende houtsoorten en formaten kunnen juist heel mooi zijn, zolang je ervoor zorgt dat de compositie als geheel in balans blijft.
Hetzelfde geldt voor open kasten en planken. Een paar zorgvuldig gekozen objecten vertellen vaak meer dan een plank die volledig gevuld is.
Hoe voorkom je dat een eclectisch interieur rommelig wordt?
Dit is misschien wel het moeilijkste aan het combineren van verschillende stijlen. Er zit een dunne lijn tussen een interieur dat mooi gelaagd voelt en een ruimte waarin simpelweg te veel gebeurt. Mijn oplossing is meestal: ruimte laten.
Niet iedere muur hoeft iets te hebben. Niet iedere hoek hoeft gevuld. En niet ieder mooi object dat je bezit hoeft tegelijkertijd zichtbaar te zijn.
Door rustige plekken te creëren, krijgen de bijzondere stukken juist meer aandacht. Een kleurrijk vloerkleed wordt sterker wanneer de meubels eromheen eenvoudig zijn. Een verzameling kunst komt beter uit tegen een rustige muur. En één mooie vaas kan soms meer doen dan vijf accessoires naast elkaar.
Moet een interieur ooit helemaal af zijn?
Wat mij betreft niet.
Je smaak verandert, je leven verandert en je huis verandert vanzelf mee. Misschien neem je iets mee van een reis, vind je ineens dat ene kunstwerk of verhuis je een kast van de ene kamer naar de andere en blijkt hij daar veel beter te staan.
Juist dat vind ik leuk aan interieur. Het hoeft geen eindpunt te hebben.
Ik wil liever een huis dat langzaam met me meegroeit dan een huis dat op één moment perfect gestyled is. Een plek vol spullen waar ik graag naar kijk, die mogen blijven en die steeds meer onderdeel worden van mijn eigen verhaal.
Misschien is dat uiteindelijk mijn favoriete manier van wonen: niet ingericht volgens één trend of woonstijl, maar langzaam verzameld. Met spullen waar je van houdt, materialen die mooi ouder worden en af en toe die onverwachte vondst die ineens alles bij elkaar brengt.
Welcome home at Bravas Boutique.